Het handwerkexperiment

Over een jaar waarin ik al doende de betekenis van handwerken onderzoek

Ontwerpschetsen voor zwarte gothic jurk.

1. Tijd is relatief (Leren van mijn dochter, deel 2 van 8)

Tijd en handwerken hebben een interessante relatie. En mijn dochter en ik hebben een beetje een los-vaste relatie met de tijd…

Rekbare tijd

In het kampioenschap net te laat komen strijden mijn dochter en ik al jaren om de eerste plaats. Dat hele idee van een klok die zegt wat je wanneer moet doen wil er bij ons gewoon niet in. Allebei kunnen we veel verloren tijd goedmaken met heel hard fietsen, bij ons allebei lukt het bij echt belangrijke dingen wél en allebei zijn we creatief, vol fantasie en een tikje chaotisch. Kortom, ik verontschuldig me als ik te laat kom voor het te laat komen, maar ik heb er geen spijt van dat ik ben wie ik ben, dus als dit erbij hoort, jammer dan. (En nee: het is dus geen reden om te laat te komen, daar moet ik gewoon mijn best voor blijven doen.)

Hoe werkt dat, altijd op het nippertje zijn? Nou, zo. Hoe goed je ook voorbereid bent, er is altijd een punt waarop je moet vertrekken. En als je op dat punt dan je spullen kwijt bent (dochter) of nog allerlei anderen dingen bedenkt die je ook nog wilt doen voordat je vertrekt (ik), dan mis je dat punt.

Ontwerpschetsen, door mijn dochter. Rechtsboven wat gepuzzel op hoe de jurk uit de stof gehaald kon worden. (Sorry voor de reusachtige afbeelding, als ik hem had verkleind kon je er niets van zien, dat zou jammer zijn!)

Maar: het werkt ook de andere kant uit. Omdat wij geen benul van tijd hebben, past er hij ons veel meer in een dag. We beginnen eraan en werken hard door en aan het eind van de dag hebben we het onmogelijke gerealiseerd. Geen enkele keer bedacht dat het misschien niet ging lukken, en we laten ons daar dus ook niet door tegenhouden.

Ik pleit hier niet voor het loslaten van elke planning. Ik voel de stress nóg van toen ik als eerstejaarsstudent bij een nacht (!) doorwerken thee over mijn met vulpen geschreven verslag gooide. En toen de helft opnieuw moest schrijven. Dat was niet fijn. En bovendien: niemand heeft onbeperkte energie. De “Help, mijn man is klusser!” situatie willen we vermijden, goed? Dus niet de vloer openbreken, de pannen van het dak halen en de elektra afsluiten om er dan achter te komen dat het gaat regenen en je in het donker dat dak niet meer waterdicht krijgt.

Maar wat ik wel wil voorstellen: laat ons af en toe maar even. Mijn man vindt het af en toe onverantwoord, maar het is ook heerlijk, even in je eigen tijd leven. Dus zolang het niet teveel nachtrust kost, anderen er geen last van hebben en je een goed plan B (of Z) hebt: láát die klok, en ga mee met de stroom van je eigen tijd.

Handwerken is tijdloos

Nog een andere manier waarop tijd relatief is bij handwerken: handwerkers houden de tijd niet bij. Pas toen ik zelf een meetlat voor mijn kleinzoon borduurde besefte ik hoe knap het was dat mijn moeder er twee keer eentje af had weten te krijgen voordat het betreffende kleinkind geboren was, wat een klus! Die die ik zelf maakte werd uiteindelijk een cadeau voor de eerste verjaardag… En nee, ik geloof nooit dat mijn pleegdochter en haar vriend snappen hoeveel tijd en liefde er in dat lapje zit. Dat is maar goed ook, want als je het zou uitrekenen was het exorbitant. Maar ík weet het, ik weet dat ik al die tijd aan het kindje en aan zijn lieve ouders dacht, dat zit er allemaal in. Het heeft me met hen verbonden: dáár zit de echte waarde.

In een leuk stukje dat ik las in Trouw, over de toename van hobby-breiers*, werd opgemerkt dat breien antikapitalistisch is. Ja, dacht ik, dat klopt, dat geldt voor alle vormen van handwerken en voor veel andere arbeidsintensieve doe-het-zelf activiteiten. Zou je moeten betalen voor de tijd die het kost om een trui te breien dan werd hij onbetaalbaar. Maar lekker puh, we breien die trui, borduren die meetlat, brouwen dat bier en kweken die snijbiet. Want het brengt zo veel meer dan het concrete “product”.

Incubatietijd

In het handwerken, of breder: in elk creatief proces, is tijd je vriend. En dan specifiek tijd die je aanrommelt, op de fiets zit, onder de douche staat, enzovoorts. Mijn beste werk is werk dat heeft kunnen rijpen. Werk dat ik kon neerleggen, om aan iets te werken en er daarna op terug te komen. Juist als ik het even niet meer weet helpt het om afstand te nemen. Vaak komt de oplossing dan vanzelf. Of bedenk ik een nieuwe invalshoek, die tot een oplossing leidt. En dat gaat zowel op voor praktische vragen (“te weinig stof, wat nu?’ of “hoe zet ik dit op een goede manier vast?”) als voor vragen die meer met het design te maken hebben (“hoe maak ik van deze scrappy blokken een quilt die niet té druk is” of “hoe pas ik dit naaipatroon zo aan dat het minder hoekig is maar juist wat ronder”). Echt, ik heb allerlei opleidingen en cursussen en bijeenkomsten gehad over creatieve werkvormen, maar de krachtigste is misschien nog wel: geef het de tijd.

“De natuur haast zich niet, en toch komt alles af.” – Lao Tse

Dit wordt overigens ondersteund door onderzoek. Je hersenen kennen een toestand, de default mode, waarin ze dingen verwerken. Dat is hersteltijd, maar het is ook de reden dat er soms ineens een idee opkomt zonder dat je nou specifiek aan een probleem dacht: je hersenen hebben het werk voor je gedaan zonder dat je het merkte. Maar: dat kan alleen als je brein verder niet zoveel te doen heeft. Dat betekent dus: niet scrollen, lezen, zappen, maar doezelen, dagdromen, wandelen, afwassen. Verstand op nul, blik op oneindig, en dat alles voor productieve hersenen!

* “Voor iedereen is er een breiclub, of je nu 20 of 80 bent. Wat maakt breien zo leuk?”, Trouw, Robin Goudsmit, 1 maart 2026, katern Tijdgeest

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *